Corlaer College

Atheneum

Atheneum op het Corlaer

De atheneum/havo-afdeling van het Corlaer College zit in een modern gebouw, met veel glas en licht. Alles en iedereen is goed zichtbaar. Er heerst een open sfeer. Door de grote ramen en glaswanden wordt de ‘echte’ wereld niet buiten de muren gehouden, maar juist binnengehaald. Dat gebeurt ook volop in het onderwijs.

Het onderwijs draait om jou als leerling. Je krijgt op het Corlaer College relatief veel verantwoordelijkheid en vrijheid, uiteraard met de nodige coaching van docenten. Naast klassikale lessen werk je veel in kleine groepen. Daar leer je goed samenwerken, plannen, organiseren en onderzoeken. Een aantal vakken krijg je thematisch: zo leer je verbanden leggen en bronnen beoordelen.

Leren doe je niet alleen binnen de school, maar vooral ook daarbuiten. Op sportief, cultureel en maatschappelijk gebied. En over de grenzen heen – dat is op het Corlaer College nogal belangrijk. De wereld is een dorp geworden, en ook jij bent een wereldburger. Contacten met mensen uit andere landen en culturen zijn heel belangrijk. Daar maak je al vanaf het eerste leerjaar kennis mee.

Je goede kennis van het Engels helpt je daarbij. Op atheneum en havo van het Corlaer College krijg je die taal op hoog niveau: Cambridge Engels. Dat betekent een meer dan gemiddeld aantal lesuren, waarin je alleen Engels spreekt. Docenten besteden extra lestijd aan verdieping en verbreding van alle vaardigheden: spreken, luisteren, schrijven en lezen. Oefenen doe je met iemand die Engels als moedertaal heeft, een native speaker.

Het atheneum bereidt je voor op het wetenschappelijk onderwijs aan een universiteit. De opleiding duurt zes jaar. Je kunt de opleiding volgen als je zeer goede verstandelijke capaciteiten hebt en een behoorlijk abstractievermogen. Je moet een brede belangstelling en goede werkhouding hebben.

Eerste fase

Naast vakken als Nederlands, wiskunde en Engels krijg je in de eerste twee leerjaren acht tot tien lesuren per week thematisch les. Daarbij gaat het natuurlijk om de inhoud, maar ook de ontwikkeling van belangrijke kwaliteiten als zelfstandig werken, samenwerken, evalueren en reflecteren, onderzoeken, plannen en organiseren.

De themalessen gaan over mens, natuur en techniek (MNT) en mens, maatschappij en cultuur (MMC). Elk thema is op dezelfde manier opgebouwd. In de thema’s vind je allerlei vakken terug, zoals aardrijkskunde, geschiedenis, economie en godsdienst. Ook kunst krijg je tegenwoordig thematisch.

Daarnaast krijg je vanaf het eerste leerjaar het vak wetenschap en technologie. De kans is groot dat je na het behalen van je diploma naar de universiteit gaat. Daar ga je wetenschappelijk aan de slag. Om ervoor te zorgen dat je die manier van denken al een beetje in de vingers hebt, krijg je dit vak. Dat betekent ontdekken en onderzoeken. Je maakt kennis met alle wetenschappen. Aan het eind van de eerste fase word je beoordeeld op je kennis van allerlei wetenschappelijke begrippen en kun je het Junior Certificaat halen.

Tweede fase

In de leerjaren 4, 5 en 6 is je vakkenpakket wat anders opgebouwd. De helft van je lestijd volg je gemeenschappelijk met je klas de lessen Nederlands, Engels, maatschappijleer, cultureel-kunstzinnige vorming en lichamelijke opvoeding. Daar komen, speciaal voor het atheneum, nog algemene natuurwetenschappen en een tweede moderne vreemde taal bij.

Verder besteedt je veel tijd aan je profielvakken. Je hebt de keus uit vier profielen:

       Cultuur en maatschappij: talen, geschiedenis, beeldende vorming of extra taal, wiskunde A of C.

       Economie en maatschappij: geschiedenis, wiskunde A/B en aardrijkskunde, M&O of een taal.

       Natuur en gezondheid: biologie, scheikunde, wiskunde A/B, aardrijkskunde of natuurkunde.

       Natuur en techniek: wiskunde B, natuurkunde, scheikunde, wiskunde D of biologie of informatica.

De vakken voor je profiel vormen ongeveer 30 procent van je lestijd. Om je profiel aan te vullen, kies je nog een keuze examenvak en kan je een aantal uren besteden aan een ander (deel)vak of module. Dit zogenoemde vrije deel vormt samen met je profiel ongeveer de (andere) helft van je lestijd.

In de tweede fase ligt het accent op zelfwerkzaamheid en eigen verantwoordelijkheid. Je krijgt klassikaal les, maar ook zelfstudie met begeleiding. In deze jaren verbreed je je horizon enorm, ook letterlijk. Je werkt samen met leerlingen van scholen in Duitsland, India en Spanje en gaat op uitwisseling. Je doet misschien mee aan Expeditie Corlaer. En je steekt je handen uit de mouwen tijdens een maatschappelijke stage.